Advies Raad voor de Wadden


Persbericht 29 mei 2006 | De Raad voor de Wadden meent dat ook kleinere projecten steun vanuit het Waddenfonds moeten kunnen krijgen. Het voornemen om een minimumsubsidiegrens in te stellen wordt daarom afgewezen.

Dat stelt de Raad voor de Wadden in zijn advies over het Uitvoeringsplan Waddenfonds, dat op verzoek van de Minister van VROM is uitgebracht. Het Waddenfonds is een van de belangrijkste instrumenten voor het herstel en de ontwikkeling van de Waddenzee en het Waddengebied. Kleinschalige, lokale projecten kunnen evengoed bijdragen aan de doelstellingen als grotere projecten. Het voornemen tot het instellen van een minimum subsidiegrens wordt daarom door de Raad afgewezen.

De Raad vindt dat de doelen van het Waddenfonds concreter moeten worden uitgewerkt. Dan kan beter worden gestuurd richting het gewenste resultaat. Zolang deze concretere doelen nog niet beschikbaar zijn adviseert de Raad voor de Wadden om eerst onomstreden projecten vanuit het Waddenfonds te subsidiëren.

De Raad voor de Wadden is verder van mening dat het uitvoeringsplan volledige duidelijkheid moet verschaffen aan subsidieaanvragers aan welke eisen projecten dienen te voldoen. Het uitvoeringsplan moet daarom op een aantal punten worden aangevuld zodat alle vereisten helder tot uitdrukking komen. Ook de wijze waarop subsidieaanvragen worden beoordeeld en onderling worden gewogen, dient in het uitvoeringsplan helder te worden aangegeven.

De Raad voor de Wadden is ingenomen met de samenwerking van de verschillende belangengroepen om tot gezamenlijke projectvoorstellen en programma’s te komen. De Raad vindt deze samenwerking (waarin ook provincies participeren) van natuur- en milieuorganisaties, bedrijfsleven, instellingen en wetenschap zo belangrijk, dat hij het kabinet adviseert de groepen blijvend te betrekken bij de voorbereiding en uitvoering van uitvoeringsplannen.