Verhouding fosfaat en stikstof volledig uit balans in de Noordzee

Europese maatregelen ter verbetering van de waterkwaliteit zijn al vele jaren gericht op terugdringing van de concentraties fosfaat en stikstof in oppervlaktewater. Dit is echter voor fosfaat veel beter gelukt dan voor stikstof. Hierdoor is in de kustwateren van de Noordzee een overschot aan stikstof en een tekort aan fosfaat ontstaan, met negatieve gevolgen voor de algengroei en de productiviteit van het Noordzee-ecosysteem. Dit blijkt uit onderzoek van het NWO-programma Zee- en Kust Onderzoek, uitgevoerd door de UvA en het NIOZ Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, onder leiding van prof. dr. Jef Huisman.

Stikstof en fosfaat zijn essentiële bouwstenen voor al het leven. De hoeveelheid fosfaat en stikstof in rivieren, meren en de kustwateren van de Noordzee nam tussen 1960 en begin jaren 80 sterk toe (o.m. door fosfaathoudende wasmiddelen en landbouwbemesting), met als gevolg overmatige algenbloei en soms ook vissterfte. Om de fosfaat- en stikstofconcentraties in het oppervlaktewater terug te dringen ondernamen alle Europese kuststaten actie, onder meer door fosfaat te verwijderen uit wasmiddelen en afvalwater en door het aan banden leggen van bemesting. De maatregelen voor fosfaat blijken echter veel effectiever dan voor stikstof. Hierdoor is er nu in de kustwateren een volledig scheve verhouding tussen stikstof (N) en fosfaat (P) ontstaan.

Volledig artikel op website NWO