Honderdduizenden visjes door sluizen van de Afsluitdijk

Uit onderzoek van Rijkswaterstaat naar vismigratie door de sluizen in de Afsluitdijk blijkt dat glasaal, spiering en een tiental andere vissoorten door aangepaste bediening van de sluizen in de Afsluitdijk massaal van de Waddenzee naar het IJsselmeer trekken.

Rijkswaterstaat laat door Arcadis/ATKB onderzoek doen naar het visvriendelijker beheren van de spui- en schutsluizen in de Afsluitdijk. Het onderzoek is nu halverwege en duurt tot de zomer. Het levert nu al belangrijke informatie op over de passeerbaarheid van de sluizen voor de verschillende vissoorten die voorkomen in de Waddenzee, het IJsselmeergebied en in de stroomgebieden van de IJssel, de Rijn en de Overijsselse Vecht.

Zo blijkt dat intrek van vis voornamelijk ’s nachts plaatsvindt. Daarnaast zwemmen de vissen bij de spuisluizen hoofdzakelijk over de bodem van de sluis naar binnen. Deze vissen liggen al voor de sluisdeuren te wachten als het spuien begint. Ze worden een handje geholpen door de deuren van de spuisluizen iets eerder open te zetten zodat korte tijd zout water met de vis mee naar binnen spoelt. Met de schutsluizen voert Rijkswaterstaat extra schuttingen uit, speciaal om vis te schutten. Het zoute water wordt daarna weer afgevoerd door te spuien. De scheepvaart ondervindt hiervan geen hinder.
In 4 uur tijd werden in april met de schutsluizen bijna 300.000 glasaaltjes (jonge paling) en ruim 150.000 spierinkjes geschut.

Voor vissen zijn de (spui)sluizen bij Kornwerderzand en Den Oever de enige mogelijkheid om de Afsluitdijk te passeren. Een goede passeerbaarheid én een visvriendelijke vorm van sluisbeheer zijn van levensbelang voor trekvissen. De visstand in zijn geheel is van grote betekenis voor de ecologie van het achterliggende gebied tot ver in Europa en voor beroeps- en sportvissers.

Volledig artikel op website Rijkswaterstaat