Balgzand klaar: natuur en veiligheid verbeterd

Het Balgzand is voor trekvogels uit Scandinavië, Rusland en Siberië een ideale plaats om te rusten en te foerageren. Soms zit meer dan de helft van de West-Europese kanoetstrandlopers hier te rusten en te eten.

In 2010 en 2011 zijn er twee grote projecten uitgevoerd op het Balgzand. Doel daarvan was droge voeten voor de inwoners van de Noordkop én een broedplek en hoogwatervluchtplaats voor de vogels van het Balgzand. De twee projecten zijn in nauwe samenwerking tussen het hoogheemraadschap en Landschap Noord-Holland uitgevoerd. De dijkbekleding van Balgzanddijk is over een lengte van 2,7 kilometer versterkt en er zijn twee schorren verstevigd.

Beide grote projecten zijn nu klaar en worden 'in gebruik genomen' door Jan Kuiper (directeur Landschap Noord-Holland), Kees Stam (dagelijks bestuurder HHNK), Joke Geldhof (gedeputeerde Provincie Noord-Holland) en Nico de Haan (bekendste vogelaar van Nederland). Betrokken relaties zijn uitgenodigd om (in besloten kring) gezamenlijk de oplevering te vieren op 27 januari. Na de toespraken en de openingshandeling gaan de genodigden met de Jutterexpress over de dijk om de opgeleverde projecten te bekijken.

Uniek natuurgebied

Het wad van het Balgzand is zeer voedselrijk en trekt veel vogels aan. Bij hoogwater stromen de wadplaten onder water en rusten de vogels op de droog blijvende schorren. Hoge schorren zijn uiterst belangrijk. In het voorjaar broeden er grote kolonies sterns, meeuwen en vele andere vogels. Om op de Balgzanddijk en bij de schorren te komen is er één toegangsweg. Mede om die reden en om de flora en fauna zo min mogelijk te verstoren, hebben beide organisaties ervoor gekozen om de projecten gelijktijdig uit te voeren. De volgende materialen zijn de afgelopen twee jaar gebruikt: voor de dijk 6.000 ton open steenasfalt afgedekt met 18.000 m2 grasmat én voor de schorren 27.225 m3 klei, 17.365 m3 niet-ontzilt zeezand en 24 rijshouten dammen.

Financiering

De dijkversterking was onderdeel van het nationale Hoogwaterbeschermingsprogramma en is gefinancierd door het Rijk en de waterschappen. De schorren zijn voor 90% gefinancierd door het Waddenfonds en de Provincie Noord-Holland heeft 10% bijgedragen.