Spring naar hoofd-inhoud

Brandaris onbemand: 'Zien we wel genoeg?'

WEST-TERSCHELLING - Verdriet, berusting en ook blijdschap. Op Terschelling heersen uiteenlopende emoties over het naderende einde van vuurtoren Brandaris als werkplek van de verkeersleiding van de Waddenzee.

Dit zei burgemeester Jurrit Visser gisterochtend tijdens de ondertekening van de contracten tussen Rijkswaterstaat en de Zeeuwse Radar Combinatie. Het bedrijf bouwt de komende anderhalf jaar de nieuwe zeeverkeerscentrale in het maritiem instituut Willem Barentsz. "Blij omdat de centrale op het eiland blijft. Verdrietig omdat het werk na 400 jaar niet meer vanaf de Brandaris gebeurt."

De 14 miljoen euro kostende nieuwe centrale krijgt een groot aantal camera's en tien radarposten. Deze moeten de verkeersleiders net zoveel informatie verschaffen als ze nu nog met eigen waarneming vergaren vanaf de Brandaris en de vuurtoren van Schiermonnikoog. "Eerst zien en dan geloven", zegt verkeersleider Cees Haringa van de Brandaris. "Er is berusting over de verhuizing van het werk, hoe jammer het ook is. Maar onze zorgen zijn niet weg. Het is de vraag of de beeldkwaliteit van de camera's goed genoeg is. Totdat we dat gezien hebben, weten we niet of we voldoende zullen zien op zee."

Om antwoord te geven op deze vraag, laat Rijkswaterstaat zo snel mogelijk camera's op de Brandaris plaatsen. Boven in de toren kunnen de verkeersleiders die plaatjes vergelijken met hun eigen waarnemingen. De Brandaris verliest ook de functie als meldpunt voor andere zaken. Haringa: "Terschellingers bellen niet met 112, maar met de Brandaris. Dit is weliswaar niet onze taak, maar het zit ingebakken in de mensen. Brand in de bossen of duinen zien we vanaf hier het eerst. Als het straks ergens brandt, dan duurt het langer voor het is opgemerkt, want de camera's staan op zee gericht."

Rijkswaterstaat verwacht dat de dienst de taken straks beter kan uitvoeren. "De huidige apparatuur is verouderd. Aan de nieuwe stellen we topeisen", aldus Sieben Poel van de directie. Als de zeeverkeerscentrale in november 2010 klaar is, volgt een proefjaar. De zeepost op Schiermonnikoog sluit pas wanneer de nieuwe techniek doet wat ervan verwacht wordt. Vermoedelijk zal dit niet eerder zijn dan eind 2011.

Op de nieuwe post op de derde verdieping van de zeevaartschool is plek voor ongeveer negentien medewerkers, negen meer dan er nu zijn. Of de aanroepnaam van de zeeverkeerscentrale ook de Brandaris zal blijven voor een deel van het Waddengebied, is nog niet duidelijk. Rijkswaterstaat overweegt serieus de vermaarde naam te behouden.