November 2010 - De werkloosheid in Noord-Nederland valt de komende jaren relatief mee. Zeker in Fryslân, dat volgens de Noordelijke Arbeidsmarkt Verkenning de komende jaren de laagste werkloosheidscijfers van het Noorden krijgt. Wel staat de overheid als banenmotor onder druk en blijft de situatie in de bouw, de industrie en de transportsector niet rooskleurig.
De arbeidsmarktverkenning bestaat ditmaal uit drie scenario's, waarin rekening wordt gehouden met de daling van het aantal inwoners. Het eerste scenario gaat uit van een redelijk snel herstel, het tweede veronderstelt na een licht herstel een tweede economische dip. Het derde scenario gaat uit van een moeizamer herstel, met een structureel lager niveau van de economische groei. Hoewel veel ervan afhangt welk scenario de werkelijkheid straks het dichtst benadert, is duidelijk dat Fryslân er in alle drie scenario’s relatief gunstiger uitspringt dan Groningen en Drenthe. De werkloosheid is er verhoudingsgewijs het laagst. Dat heeft te maken met het aantal zorginstellingen en zakelijke dienstverleners in Fryslân.
Hoofdpunten rapport.
Dat de werkloosheid vooralsnog meevalt in Noord-Nederland komt door verschillende ontwikkelingen, zoals een toename van het aantal zzp'ers (die veel van de klappen hebben opgevangen), beleidsmaatregelen zoals de deeltijd-WW en labour hoarding: bedrijven houden personeel langer vast uit angst voor krapte in de toekomst. Regio's die geconfronteerd worden met een afname van het aantal inwoners (krimp), zien vooral de hoger opgeleiden wegtrekken. Daardoor neemt het risico op probleemregio's met sociaaleconomisch kwetsbare groepen toe.
De positie van de overheid als banenmotor van het Noorden komt onder druk te staan. Overheden hebben de komende jaren minder te besteden. Dat leidt tot een kleinere groei van de werkgelegenheid en verlies van hoogwaardige banen. Daar staat tegenover dat de Noordelijke industrie minder op de export gericht is en daardoor minder merkt van de economische crisis. Ook zijn er veel kleine en middelgrote bedrijven, die sober zijn gefinancierd en het daardoor langer volhouden. Verder is het gunstig dat de landbouw en energie sterke Noordelijke sectoren zijn, met producten waar ondanks de crisis vraag naar blijft.
Terugblik.
Uit een terugblik in de Arbeidsmarktverkenning blijkt dat de gemiddelde groei van de wekgelegenheid in Fryslân in de periode 2004-2009 1 procent is. Dat is 0,1% beter dan het landelijke cijfer en ook beter dan in Groningen (0,7%) en Drenthe (0,9). In de economische kernzones staat Fryslân ook bovenaan. In de A7-zone groeide de werkgelegenheid in de jaren 2004-2009 gemiddeld 1,9% per jaar. De as Groningen-Assen staat op de tweede plek, met een gemiddelde groei van 1 procent. De Westergozone blijft met een gemiddelde groei van 0,4% net iets achter op het landelijke cijfer (0,5) voor de groei van economische zones.
Klik hier om het volledige rapport te lezen.
Nieuwe regionale bevolkingsprognoses tot 2040:
6 oktober 2009 - De komende dertig jaar treedt in delen van Nederland, vooral in de periferie, een omvangrijke bevolkingskrimp op. In ruim een kwart van de Nederlandse gemeenten daalt het aantal bewoners tot 2040 met meer dan 2,5%; in totaal een kwart miljoen inwoners. Daarentegen groeit het aantal bewoners in de meer centrale delen van Nederland, vooral in de Randstad, met ruim 1,25 miljoen.
Dit blijkt uit de nieuwe Regionale bevolkingsprognose 2009 - 2040 die het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) uitbrengen.
Krimp vooral in de periferie
Bevolkingskrimp treedt volgens de prognose vooral op in de randen van Nederland. In het noordoosten van Groningen, het zuiden van Limburg en het zuiden van Zeeland is nu al sprake van krimp en deze zal de komende decennia voortzetten. Rond 2025 is in die gebieden de omvang van de krimp, naar verwachting, al opgelopen naar ruim 150 duizend inwoners.
Parkstad Limburg telt in 2025 naar verwachting ruim 15 duizend minder inwoners dan nu en tussen 2025 en 2040 daalt het inwonertal met nog eens 40 duizend. In de hele periode tot 2040 krimpt de bevolking in deze regio hierdoor met ruim 15%. Vooral in Heerlen en Kerkrade is dit het geval. Noordoost-Groningen telt volgens de prognose in 2025 12 duizend inwoners minder dan nu. Vooral Delfzijl is hier een voorloper in de krimp. Tot 2040 daalt het aantal bewoners in Noordoost-Groningen verder. Het inwonertal in deze regio zal hierdoor tot 2040 met bijna 15% afnemen.
Naar verwachting ziet Zeeuws-Vlaanderen het inwonertal tussen nu en 2040 met ruim 10 duizend teruglopen; een krimp van ruim 10%. En in Gelderland krijgt de Achterhoek te maken met een bevolkingsafname van ruim 20 duizend in de komende drie decennia, ofwel een krimp van 5%. Het is vooral de vergrijzing die ten grondslag ligt aan de krimp in de randen van Nederland: er overlijden meer ouderen dan dat er kinderen worden geboren. Bovendien trekken in deze gebieden jongeren vaak weg naar centralere delen van Nederland vanwege studie en werk.
Groei vooral in de Randstad
De totale bevolking van Nederland blijft daarentegen doorgroeien: in 2040 telt ons land 17,5 miljoen inwoners, ongeveer één miljoen meer dan nu. Deze forse groei doet zich vooral voor in de Randstad en Midden-Nederland. In de komende drie decennia zal de bevolking hier met ruim 1,25 miljoen toenemen.
Lees het volledige persbericht (pdf 70 kB)
Bron: Noordelijke Arbeidsmarkt Verkenning, CBS/PBL.
Datum: 11 november 2010